BOUWMETHODE

Meer informatie

Intrillen bij Europaplein Intrillen bij Europaplein
Sleufgrijper Sleufgrijper
Diepwanden bij de ANWB-flat Diepwanden bij de ANWB-flat

Moot voor moot

De bouwkuip voor de A2-tunnel is onderverdeeld in zogenaamde moten. Elke moot is ongeveer 24 meter lang. Tunnelmoot 1 ligt bij Europaplein. De laatste moot - moot 108 - evindt zich bij Geusselt. Tijdens de aanleg van de bouwkuipwanden werden ook tussen de verschillende moten damwanden aangebracht. Zo ontstonden ‘compartimenten’ die per stuk ontgraven werden.

Grondstromen

Het ontgraven van de tunnel ging gemiddeld tot ca. 17 meter diepte. De grondwerkers kwamen verschillende grondsoorten tegen: zand en klei, grind, mergel en vuursteenbanken. Schone, maar ook vervuilde grond. Al die grondsoorten werden apart opgeslagen, in de verschillende depots rond en buiten het A2-uitvoeringsgebied. Team Milieu van Avenue2 zat er bovenop, samen met Projectbureau A2 Maastricht en de gemeente Maastricht. De meeste grond is of wordt hergebruikt, bijvoorbeeld bij het aanvullen tussen tunnel- en bouwkuipwanden. Of straks bij de inrichting van de parklaan. Een deel van het grind en mergel is overgenomen. Toutvenant - een mengsel van grof zand en grind - werd gezeefd, veredeld en via de betoncentrale van firma Mebin in Maastricht hergebruikt voor de betonnen ruwbouw van de tunnel.

ÉÉN BOUWKUIP, 3 TECHNIEKEN

Bijgewerkt: december 2015

Om de tunnel droog en veilig te kunnen bouwen, is een bouwkuip nodig. Een bouwkuip is eigenlijk niets anders dan een groot gat in de grond: een kuip waarin de werkzaamheden plaatsvinden. Verticale wanden - damwanden of diepwanden - zorgen ervoor dat de bouwkuip stevig en waterdicht is.

Bouwmethode

De bouwkuip kun je op verschillende manieren maken. Voor de A2-tunnel zijn door bouwer Avenue2 drie verschillenden technieken gebruikt:

1. Intrillen damwandplanken
Met een speciale damwandkraan werden de damwandplanken in de grond getrild. Door de trillingen gaan gronddeeltjes zoals zand en grind bewegen, waardoor het eenvoudiger was om de damwandplank in de grond te duwen. Deze methode werd toegepast voor de tunnelmonden (in- en uitgangen) bij Europaplein en Geusselt.
2. Cement-bentonietwanden
Deze methode levert minder overlast op en is vooral binnen de bebouwde kom gebruikt tussen de John F. Kennedysingel en de Terblijterweg. Met een speciale graafmachine - een sleufgrijper - werden diepe, smalle sleuven voor de bouwkuipwanden gegraven. Voordat de sleufgrijper aan het werk ging, zijn eerst zogenaamde geleidewanden gemaakt. Dat zijn betonnen wandjes die ervoor zorgen dat de sleufgrijper altijd op de juiste plek graaft. Tijdens het graven werden de diepe sleuven gevuld met cement-bentoniet: een mengsel van water en klei, waardoor de sleuf niet kon inzakken. Zodra het cement-bentoniet voldoende was uitgehard, werden stalen planken - damwandplanken - in de sleuf afgehangen. 
3. Betonnen diepwanden
Tussen de ANWB- en Gemeenteflat zijn over een lengte van zo’n 168 meter sleuven gegraven voor het maken van de diepwanden. Deze methode is vergelijkbaar met de voorgaande methode, maar in dit geval liet Avenue2 stalen wapeningskorven in de sleuven zakken. Daarna werd de sleuf gevuld met beton, dat zwaarder is dan cement-bentoniet. Het beton drukte het cement-bentoniet naar boven, waardoor dit ging drijven en weggepompt kon worden. Het beton in de sleuf hardde uit tot een betonnen bouwkuipwand. Lees hier meer over de diepwanden voor de wanden-dakconstructie tussen ANWB- en Gemeenteflat.
Ontgraven
Een bouwkuip kan niet zomaar uitgegraven worden. Eerst was het nodig om bronnen voor grondwaterbemaling te boren, om ervoor te zorgen dat grondwater niet kon binnendringen in de bouwkuip. En naarmate de bouwkuip dieper werd, moesten de wanden verstevigd worden met zogenaamde 'stempels’ of ankers (zie foto’s hieronder). De grond buiten de bouwkuip drukte immers op de damwanden, waardoor deze zonder deze extra ondersteuning naar binnen zouden klappen.
Stempels Stempels
Ankers Ankers

Stempels of ankers?

In een groot deel van de tunnelbouwkuip werden de wanden - na elk ontgravingsniveau in de bouwkuip - verstevigd met grote stalen buizen, zogenaamde ‘stempels’. Stempels zijn dikke, stalen buizen van 30 meter lang en gemiddeld zo’n 20 ton zwaar, die dwars tussen de damwanden werden geplaatst. Maar soms was dat niet mogelijk, zoals bij Geusselt-Noord en een deel van Geusselt-Zuid. Daar was de bouwkuip té breed. Hetzelfde gold voor kruispunt Scharnerweg: daar was maar weinig ruimte onder de tijdelijke verkeersbrug. In deze delen van de bouwkuip werden daarom ankers aangebracht: stalen kabels die door de damwand werden geboord en in de grond buiten de bouwkuipwand werden vastgezet met een soort betonblok (groutlichaam). Ankers hebben dezelfde functie als stempels. Het verschil zit ‘m in de soort kracht: ankers trekken aan de damwanden, terwijl stempels ertegenaan duwen. Samen zorgden ze ervoor dat de bouwkuipwanden niet konden inklappen tijdens het weggraven van de grond uit de tunnelbouwkuip.